Foto: Forensische Sfeerimpressie

NFIInfo

NFI-Info april 2012

Nummer 2 / Jaargang 6

Koninklijke politiekogel verbetert schotrestenonderzoek

Foto: Koninklijke politiekogel verbetert schotrestenonderzoek

Het NFI stond de politie bij in de selectie van de nieuwe politiemunitie voor (semi-) automatische vuurwapens. De geselecteerde RUAG Action NP voldoet aan strenge veiligheidseisen en bevordert forensisch schotrestenonderzoek.

De Action NP (Nederlandse Politie) herken je meteen aan de oranje punt. Iets wat de nieuwe standaard politiemunitie al snel de bijnaam ‘koninklijke kogel’ opleverde. Belangrijker gegeven voor de strafrechtsketen: de munitie bevat een exclusieve forensische marker, waardoor schotresten makkelijker te onderscheiden en te traceren zijn.

Dat bevordert het forensisch onderzoek, vertelt Amalía Brouwer-Stamouli van de afdeling Microsporen. ”Bijvoorbeeld als dergelijke schotresten na een schietincident worden aangetroffen op zowel de handen van een politieagent als een verdachte, omdat zij tijdens het lossen van het schot bij elkaar in de buurt stonden. Als de aangetroffen deeltjes de exclusieve marker blijken te bevatten, kan ervan worden uitgegaan dat de deeltjes afkomstig zijn van politiemunitie. Een conclusie die zonder markering veel moeilijker zou zijn vast te stellen.”

Finale test

De nieuwe politiemunitie werd in september 2009 gekozen via een Europese aanbestedingsprocedure. Het NFI stelde hiervoor op verzoek van de politie een onderzoeksplan op, en een lijst met eisen waaraan de munitie uit forensisch oogpunt moet voldoen, en toetste de kandidaten hieraan. Brouwer: “De belangrijkste forensische eis was de detectie met markering. Het is de eerste keer dat deze eis officieel is vastgelegd in een Europese aanbesteding.”

De medewerkers van Fysische en Chemische Technologie waren in een later stadium ook bij de aanbesteding betrokken. Zij voerden de ‘finale test’ uit van de Action NP, die op basis van het NFI, gebruikersproeven en eigen eisen van de politie als nummer 1 uit de bus kwam.
De laatste test had geen forensisch doel, maar betrof veiligheidsvoorwaarden, vertelt Rob Hermsen van de afdeling Fysische en Chemische Technologie. ”Een kogel mag niet openbreken in een lichaam (wat voor dit onderzoek gedefinieerd was als aanwezigheid van metaaldeeltjes groter dan 1.0 mg). Als dat wel gebeurt, krijg je twee kogelbanen. Dat is extra schadelijk voor het slachtoffer en geeft meer risico’s voor omstanders als de deeltjes door het lichaam heen gaan.”

Hermsen en zijn collega’s voerden daarom schietproeven uit met de Action NP als munitie. Tachtig keer werd hiermee vanuit verschillende richtingen op zeepblokken gevuurd – zeep is een simulant voor menselijk spierweefsel. Van elk schot werd ook de snelheid bij in- en uittreden gemeten en bepaald hoe snel de munitie ‘remde’ in het lichaam. Hermsen licht toe: ”Je wilt, naast het niet-openbreken, dat de munitie (zoveel mogelijk) blijft steken in het lichaam, terwijl de grootte van de verwonding nagenoeg niet toeneemt; wederom met het oog op de veiligheid van omstanders.”

De Action NP slaagde met vlag en wimpel. De munitie ‘remde’ uitstekend en is van de tachtig keer niet één keer opengebroken.

Het NFI verwacht dat, in navolging van Duitsland en Nederland, ook andere buitenlandse forensische instituten gemarkeerde politiemunitie zullen willen invoeren. Dit jaar wordt er daarom onderzocht of er een tweede marker aan de munitie kan worden toegevoegd, die uniek zal zijn voor Nederland.