Foto: Forensische Sfeerimpressie

NFIInfo

NFI-Info april 2013

Nummer 2 / Jaargang 7

NFI en FBI bundelen krachten IN strijd tegen chemisch en biologisch terrorisme

Foto: NFI en FBI bundelen krachten IN strijd tegen chemisch en biologisch terrorisme

Opsporingsdiensten werken soms als gesloten bolwerken. Tijd voor meer samenwerking, vonden FBI en NFI. Zij organiseerden van 14 tot 16 oktober een internationaal congres over de forensische aanpak van chemische en biologische incidenten.

Tijdens het congres ontmoetten vijftig experts uit negen landen elkaar. Een unieke situatie, licht Peter de Bruyn van het Chemisch Biologisch Radiologisch Nucleair (CBRN) team toe, "aangezien het delen van vertrouwelijke informatie gevoelig kan liggen." Maar niet tijdens dit congres. Deelnemers brachten kennis en onderzoeksresultaten IN en veel verschillende mogelijkheden voor forensisch onderzoek na chemische en biologische (CB) incidenten . Scenario’s van terroristische aanslagen dienden als uitgangspunt.

Het besef groeit dat CB-incidenten vragen om internationale samenwerking, verklaart De Bruyn. Samen met collega Ton Teeuwen onderzocht hij eerder dit jaar welke forensische instituten goed voorbereid zijn op het forensische onderzoek van terroristische aanslagen. De Bruyn: "Dat bleken er maar een paar te zijn. Het kost veel geld en mankracht om zo'n grootschalige aanslag op te lossen. Daarbij is specifieke expertise op dit gebied schaars. Beide obstakels kunnen worden opgelost door een internationaal netwerk en internationale samenwerking. Het congres is hiertoe een eerste aanzet."

Zuurstofflessen

De onderzoekers legden elkaar onder meer problemen uit de praktijk voor, vertelt De Bruyn. Zoals hoe je gevaarlijke stoffen moet vervoeren. “We moesten onlangs vanuit Nederland radioactief materiaal voor onderzoek naar Karlsruhe in Duitsland brengen. Hier zijn strenge regels voor, vastgelegd in het ADR Reglement (European Agreement concerning the International Carriage of Dangerous Goods by Road). Die regelgeving blijkt in strijd met de realiteit van een aanslag of ongeluk, waarbij je snel moet kunnen handelen. We hebben tijdens het congres aan de hand van een fictieve casus een ad hoc ‘ontheffing’ bedacht; een samenwerking tussen Nederlandse en Duitse instanties, met een overdracht aan de grens.”
De uitwisseling van informatie tijdens het congres leidde tot inzichten die meteen toepasbaar zijn. Bijvoorbeeld over het werken in pakken met zuurstofflessen op incidentplaatsen. De Bruyn: “Hier was er een praktisch probleem: de flessen gaan maar twintig minuten mee; dat is erg kort. Je moet dus steeds heen een weer lopen in heel zware pakken waarin je tijdens het werk niet vrij kunt bewegen. Door al onze kennis bij elkaar te leggen, kwamen wij tot de conclusie dat je die zuurstofflessen niet altijd hoeft te gebruiken. Afhankelijk van de vrijgekomen gevaarlijke stof kun je soms ook met andere persoonlijke beschermingsmiddelen werken.”

Beroep op expertise

“Het was prettig om vrijuit met elkaar te spreken en daarbij was het congres een belangrijke eerste stap in de richting van een goede relatie met elkaar. Samenwerken op dit vlak, en in een later stadium ook met universiteiten en bedrijven is nodig”, aldus Tim Wallach van de FBI en mede-initiatiefnemer van het congres. Ook Peter de Bruyn is na afloop tevreden: “Het heeft onze verwachtingen overtroffen. Er is een informeel internationaal netwerk ontstaan. We kunnen voortaan een beroep doen op elkaars expertise.”
De organisatie denkt erover om een website op te zetten en elke twee jaar een congres te organiseren.

Meer informatie over het congres ‘ The forensic investigation of Chemical and Biological CB incidents 14 – 16 oktober’