Foto: Forensische Sfeerimpressie

Het cijfer: Bloederige wiskundesom

Foto: Bloederige wiskundesom

Het is even anders dan een standaardopgave uit een wiskundeboek: een som om een mogelijke moord te reconstrueren. Ten behoeve van de campagne ‘Meer succes met wiskunde’, maakte het NFI zo’n rekenopgave . De campagne, die werd ontwikkeld door bureau Youngworks, wil het imago van wiskunde onder havo- en vwo-leerlingen verbeteren.

Op uitnodiging van het NFI zetten leerlingen van de derde klas ‘science’ van de middelbare school De Populier in Den Haag op 16 november 2011, voor één keer hun wiskundig inzicht in bij het oplossen van een moordzaak. De klas, 20 leerlingen sterk, was bij het NFI aanwezig op een fictieve plaats delict. Hier troffen de leerlingen twee bloedspatten aan op twee muren die haaks (in een hoek van 90 graden) op elkaar stonden. Aan hen de taak om te bepalen vanuit welke hoek deze spetters kwamen ‘aanvliegen’ en waar deze ‘vlieglijnen’ elkaar sneden. Aan de hoogte van het snijpunt konden de leerlingen zien of het slachtoffer stond of zat toen hij gewond raakte. Deze informatie kan van belang zijn bij het oplossen van de moordzaak.
 

Geen noodweer

Een pittige opgave, vindt docent Marten Hazelaar, maar precies op het goede niveau. “De leerlingen hadden af en toe een zetje nodig, maar waren uiteindelijk op de goede weg. Ze moesten de stelling van Pythagoras (a-kwadraat + b-kwadraat = c-kwadraat) gebruiken voor de oplossing. Helaas hadden ze net te weinig tijd om de som helemaal op te lossen. Het totale bezoek duurde twee uur.” Hazelaar weet het antwoord inmiddels wel: “Als je het snijpunt bepaalt, weet je dat het slachtoffer stond toen hij werd geraakt.”

Proefjes

De som mist zijn uitwerking niet. Leerlingen vonden het leuk om eens op deze manier bezig te zijn met wiskunde, ziet Marten. “Vaak vragen leerlingen mij als ik een bepaalde formule uitleg: ‘Maar waar kun je dit nu écht voor gebruiken?’ Nu zagen ze hoe wiskunde wordt toegepast in het forensisch werkveld.” Ook op school gaat Marten de ‘wiskunde in de praktijk’-methode toepassen. “We hebben een speciaal practicumlokaal waar we proefjes kunnen uitvoeren die te maken hebben met wiskunde. Als leerlingen zien en ervaren hoe een bepaalde formule kan worden toegepast, blijft dat ook veel beter hangen.”

Er waren nog geen leerlingen die meteen bij het NFI aan de slag wilden. “Maar wat niet is, kan nog komen, ze zijn nog jong, rond de 14-15 jaar.”

De wiskundeopgave van het NFI, bedoeld voor HAVO/ VWO 3-leerlingen, is gratis te downloaden.