Foto: Forensische Sfeerimpressie

Een jaar later: Fan van DNA-6 uur

Foto: Fan van DNA-6 uur

Een jaar geleden lanceerde het NFI het sprintproduct DNA-6 uur: een onderzoeksmethode waarmee het binnen enkele uren een DNA-profiel kan opstellen. Inmiddels maakt de politie dankbaar gebruik van die mogelijkheid.

In de nacht van 7 op 8 mei 2011 wordt een man op gewelddadige wijze op straat beroofd van zijn iPhone. De dader steekt het slachtoffer met een aardappelschilmes in zijn hals. De overvaller zelf raakt ook gewond, getuige een bloedspoor door de wijk, dat voor een woning eindigt. Hier vindt de politie ook het mes. “Het bloedspoor leek geschikt voor de DNA-6 uur-procedure”, vertelt Ronald van Pelt, senior forensisch onderzoeker bij de forensische opsporing van regiopolitie Rotterdam-Rijnmond. “Er was genoeg bloed en - voor zover wij konden bepalen - afkomstig van één persoon. We hebben het bloed naar het NFI gestuurd. Vlak na de overval had zich bovendien een bekende van de politie in het ziekenhuis gemeld met een handwond. Het NFI bevestigde binnen vier uur ons vermoeden: een match in de DNA-databank wees deze man aan als verdachte. Hij is aangehouden voor poging tot doodslag. De kans was groot dat hij, met een eerdere overval op zijn naam, in de toekomst nog een keer zou toeslaan. En misschien was er dan wel een dodelijk slachtoffer gevallen. De snelle opsporing die DNA-6 uur in dit geval mogelijk maakte, was van groot belang. Sindsdien zijn wij fan van DNA-6 uur.”

Sigarettenpeuken

In een jaar tijd is DNA-6 uur 27 keer aangevraagd bij het NFI. In twee zaken leidde dit tot een directe match met het DNA-profiel van een persoon in de DNA-databank. In het merendeel van de overige zaken is er ook een profiel vastgesteld, maar dat kwam niet overeen met een profiel uit de databank.
“Die twee directe matches, dat zijn de echte succesverhalen,” zegt Ankie van Gorp, NFI-deskundige forensisch onderzoek van biologische sporen en DNA. “Voorwaarde voor de DNA-6 uur-procedure is wel dat er voldoende sporenmateriaal aanwezig is. Zo is er een met het blote oog zichtbare hoeveelheid bloed nodig. Daarnaast werkt DNA-6 uur alleen met bloed, sperma of speeksel dat van één persoon afkomstig is. Als dit allemaal klopt, is er een hoge slagingskans om tot een DNA-profiel te komen. Bij bloedsporen is de slagingskans van DNA-6 uur bijna net zo groot als die van het reguliere traject. Andere sporen, zoals speeksel uit sigarettenpeuken, hebben een lager succespercentage. We werken er hard aan om dit te verbeteren. Het succespercentage van DNA-6 uur is na een jaar al een stuk hoger. Het NFI heeft de onderzoeksmethode geoptimaliseerd en is daar nog steeds mee bezig. Voor externen is er aan de procedure niets veranderd. De twee directe matches zijn kennelijk goede reclame, want de vraag naar DNA-6 uur vertoont een stijgende lijn.”

Ronald van Pelt heeft een tip voor het NFI om de procedure nog verder te verbeteren. “Het zou mooi zijn als we DNA-6 uur ook standaard kunnen gebruiken bij onbekende slachtoffers die we aantreffen. Natuurlijk moet hun DNA dan wel in de database zitten en dat zal bij een doorsnee persoon minder snel het geval zijn, dan bij een crimineel. Maar het zou voor ons ook heel nuttig zijn om snel de identiteit van een slachtoffer te kunnen achterhalen.” Een goed idee, vindt Ankie van Gorp. “We hebben de procedure één keer met succes ingezet om een overleden persoon te identificeren. Wellicht kunnen we dit in de toekomst vaker doen, als we de techniek verfijnen.”

Meer weten over DNA 6-uur? Neem dan contact op met uw forensisch adviseur.